Labels

donderdag 21 februari 2019

Pierre Bonnard en telkens weer Marthe


Pierre Bonnard, “Le Cabinet de Toilette au Canapé rose”, Marthe, 1908


Of een kunstenaar een enerverend leven leidt, of heeft geleid, doet in beginsel niet ter zake. Pierre Bonnard (1867-1947) was was gesteld op huiselijk geluk. Hij maakte vrijwel al zijn schilderijen in zijn directe omgeving, intiem, beschouwend. Liefst 385 keer schilderde hij zijn vrouw Marthe 1869-1943). Vaak naakt, tijdens of na het baden, op bed, voor de spiegel, maar ook gewoon koffie schenkend, luierend, de hond aaiend. Marthe maakte deel uit van het interieur. Maar wel met liefde. Marthe is een geluksgevoel. Het leven dat hij leidde. Genoeg om voor te leven. Dertig jaar lang.

De tijd gaat voorbij. Dat is het droevige van zijn werken. Vastgelegd in gloed.

Dan lees ik ineens een merkwaardig verhaal. Bonnard, die dertig jaar heeft samengeleefd met Marthe, valt voor de jonge kunstenaresse Renée Monchaty. Stapelverliefd vraagt hij haar in 1921 ten huwelijk, om vervolgens weer terug te krabbelen. Misschien heeft Marthe hem wel hardhandig van zijn voornemen afgebracht. Of schrok hij ervoor terug. Hoe dan ook, korte tijd later treft hij Renée dood aan in een hotelkamer te Parijs. Zelfmoord. En hij leeft verder met Marthe, blijft haar schilderen, zelf nog na haar overlijden.

Puur geluk slaat dood. Wat als Renée nooit ten tonele was verschenen. Wat zeggen Bonnards werken over zijn geluksgevoel? Wat kunnen we er van zeggen?