Labels

dinsdag 30 januari 2024

Holsøe’s inspiratie

 
Carl Vilhelm Holsøe, “Vrouw van de kunstenaar in wit, lezend”, 93 x 76 cm, particuliere collectie 

Holsøe’s interieurschilderijen lijken een beetje stil te staan in de tijd. Ze zetten aan tot overpeinzing, bezinning, wat de meeste mensen toch te weinig doen, met alle consequenties vandien.

In veel werken van Holsøe figureert zijn vrouw Emilie Heise (1868-1930), meestal onopvallend, niet zozeer als deel van het interieur, maar vooral om vanuit de contemplatie weer terug te komen in het heden en te weten waar het leven om draait.

Een enkele keer haalde Holsøe Emilie in zijn werk naar de voorgrond, zij het nog steeds onopvallend, bijna onopgemerkt, bijna betrapt tijdens een intiem huiselijk moment, in haar nachthemd, nog even lezend, kort voor het slapen gaan. Niet geposeerd. Alsof hij haar vanuit een opwelling vast heeft gelegd op het doek. Als Whistler. Er is minder afstand, maar nog steeds veel stilte en bespiegeling. Opdat hij weer wist waar het om draaide in zich leven. Opdat ook wij weer weten waar het om draait. Te weten wat inspireert. De enige reden, als het goed is gevallen in je leven, de enige reden waarom je het allemaal doet.

zondag 28 januari 2024

Andy op de foto

 
Robert Levin, “Andy Warhol in de opslagruimte van The Factory, New York”, 1981

Andy Warhol was een man van vele gezichten. Ik zie ze op de foto. Zakenman, kunstenaar, verzamelaar, dromer, doener, man van durf, man van angsten. Alleen. Ook dat. Een leven om de kwetsbaarheid te verhullen. Een man zoals ik, zoals velen, enkelen wellicht, maar tegelijk ook weer helemaal niet.

Doe er maar wat mee! Dat denk ik op mijn werk ook wel eens. Maar uiteindelijk kom je er meestal wel uit.

Ik heb al eens geschreven dat er zo wel een aantal personen uit de geschiedenis zijn die ik zou willen interviewen. Interviewen als psycholoog, kijken of het lukt om naast ze te komen, dood als ze zijn, de oorsprong te vinden, verlangens, pijnpunten. Het dossier is voorhanden. Ziekbed in de kindertijd, toen zijn verzamelwoede ontstond, vader die mijnwerker was, verongelukt toen Andy dertien was.

Ik zie de weerspiegeling in de foto, die meer verteld als een hele biografie. Een paar sessies hadden kunnen volstaan.

vrijdag 26 januari 2024

Stille hoeder

 


Stil
Stilleven
Stilleven van Henk
Helmantel is de naam
Henk
Helmantel
Schildert stil
Een stilleven
Stilleven gesigneerd
Helmantel is de naam
Stille levens
Stil geloven
Stiller dan goden
Hoog in de hemel
Hoeder van onheil

Helmantel is de naam.





woensdag 24 januari 2024

Catalogus voor Wolter

 
Hendrik Jan Wolter, “Zicht op de St. Nicolaasbasiliek vanaf de Prins Hendrikkade”, zj

Er is een catalogus verschenen van Hendrik Jan Wolter (1873-1952), een catalogus die ik nog niet heb overigens. Misschien koop ik hem nog.

Wolter is een van onze beste schilders uit de vorige eeuw, maar die waardering heeft hij gedurende zijn leven nooit gehad. In de twintigste eeuw moest je werk hoe dan ook iets modernistisch hebben, wilde je een beetje meetellen. Wolter bleef steken in stromingen als het impressionisme, of op zijn best het luminisme. En dat gold als passé.

De eenentwintigste eeuw in de tijd waarin het allemaal weer kan. Het internet maakt alles zichtbaar, uit het depot zou je kunnen zeggen, en de mensen kunnen hun eigen keuzes maken. We maken zelf it wat we nooit vinden tenmidden van die overdaad aan afbeeldingen. En dat is een goede zaak. Of liever: zo kun je er ook tegenaan kijken. Internet helpt tegen de vergetelheid. Zonder had Wolter vast geen catalogus gekregen.

maandag 22 januari 2024

Elf in de ochtend

 
Daniel Greene, “Eleven a.m.”, 2015

Zei ik gisteren dat het mag, een ton voor een schilderij. Of nog veel meer. Schiet me toch weer het realistische werk van Daniel Greene te binnen, die diverse schilderijen maakte van veilingen bij Sotheby’s en Christie’s. “Eleven a.m.”. En dan twijfel ik aan mijn eigen woorden.

Een schilderij is handelswaar geworden, beleggingsmateriaal voor de hele rijken. Het contrast met wat Hopper ooit wilde uitdrukken is schrijnend. Ik heb ooit een veilingmeester horen zeggen dat hij nog nooit iemand had ontmoet die miljoenen voor een schilderij overhad, zonder ook hart voor de kunst te hebben. Ter verdediging, zal ik maar zeggen. Ik weet het niet, wat ik met zo’n uitspraak moet. Vroeger had je verzamelaars, zoals de Singers. Dat heb ik altijd goed kunnen snappen. De huidige praktijk is eigenlijk zo triest als een schilderij van Greene. Ik kijk naar “Eleven a.m.”, ik voel Hopper, 1926, beter dan ooit tevoren.. Dat is dan weer iets positiefs.

vrijdag 19 januari 2024

Madonna van de stille eenvoud

 
Léon Frédéric, “De Vlaamse kantmaakster”, 1907, 137 x 111 cm, privé collectie NY

Het schilderij “De Vlaamse kantmaakster”, van Léon Frédéric“, zag ik in 2018 te zien op de Tefaf en trok direct mijn aandacht. Later zag ik op Sotheby’s dat het te koop stond voor 80.000 - 120.000 dollar, uiteindelijk werd het in 2020 in New York verkocht voor 87.500 euro.

Veel geld. Maar wel een schilderij naar mijn hart. Ik heb me altijd aangetrokken gevoeld door schilders van de stilte. Vermeer, Hammershøi, Friedrich. Dit werk van Frédéric roept eenzelfde gevoel bij me op. De Vlaamse vrouw die rustig en gestaag doorwerkt, sober gekleed in zwart, zwijgend kijkend over het stadsgezicht dat zich door het open raam voor haar ontvouwt. Misschien Gent, Brugge. Rechts in een zijkamertje worden een muur met ervoor enkele eenvoudige meubelstukken en een paar bloemen opgehaald door een van links binnenvallend licht, weerspiegeld in de strak geboende vloer.

Bescheidenheid die zich toont op afstand, vanop van op de rug. Alles ademt stilte en intimiteit. Huiselijke eenvoud. Zo is het goed. Was het goed. Zo had het misschien wel altijd moeten blijven. Maar niets blijft voor de eeuwigheid. Behalve dan de schilderijen. Het is veel geld, maar van mij mag het.

woensdag 17 januari 2024

Japi, Bavink en Klinkenberg

 
Karel Klinkenberg (1852-1924), “Montelbaanstoren”, 80,5-121 cm, z.j. privé collectie Noorwegen


Ik ben geen Amsterdammer. Maar toch voelt het een beetje als mijn stad. Ik denk uit een vorig leven, wie zal het zeggen. De tijd heeft lang stil gestaan in Amsterdam. Zoals de tijd is blijven hangen in mijn leven, en een stukje zal verdwijnen na mijn dood.

Maar zover is het nog niet!

Ik heb een boekje met de titel “Japi en Bavink en de doorbraak van de moderne kunst”, waarin een verband wordt gelegd tussen de verhalen van Nescio en de ontwikkeling van stromingen als het Hollands impressionisme en het luminisme. Klinkenberg hoort daar niet bij, dat was nog iemand van de oude stempel. Maar de verwantschap met Nescio zie ik ook bij hem. 

Laat het even gezegd zijn.


“Munttoren, Amsterdam”

maandag 15 januari 2024

Stijgbeugel

 
Herder en herderin, 1625

Zo intussen weet ik toch best wel het een en ander van schilderkunst. Bij toeval zie ik op Flickr bovenstaand schilderij en denk: Van Honthorst! Ik denk aan “De koppelaarster”, dat ik op Wikipedia beschreef. Maar het is geen van Honthorst, zie ik dan, de schilder heet Gerard van der Kuijl, 1604-1673, ook werkzaam in Utrecht, rond 1630 enkele jaren in Rome. Geboren en overleden te Gorkum, Op de Nederlandse Wikipedia is hij niet te vinden, maar op de Engelse lees ik dat het een leerling van Van Honthorst was. Kijk! Hij was ook lid van de fameuze Bentvueghels, een broederschap van Hollandse schilders in Rome die de Italiaanse schilderkunst van onder andere Raphael en Caravaggio tot voorbeeld nam. Van der Kuijl was Bentvueghel-lid onder de alias ‘Stijgbeugel’. Zo’n alias-naam werd aan een nieuw lid toegekend tijdens een inwijdingsritueel waarbij een tableau vivant werd uitgebeeld van een bacchanaal, met het nieuwe lid in de rol van de God Bacchus. De wijn was voor rekening van het nieuwe lid. Na afloop werd een gezaleijke tocht door de stad gehouden en een wijnoogster gehouden bij een aan Bacchus toegeschreven sarcofaag in de Santa Constanza-kerk. De bijnaam moest verwijzen naar een eigenschap van het nieuwe lid. Een stijgbeugel beschermt tegen een plotselinge zijsprong, in balans houden. Ik bedenk me even wat dat kan betekenen. Een rol naar anderen, een rol naar jezelf. Misschien had die alias mij ook wel gepast.


Philoctetes van Lemnos, 1647

Musicerend gezelschap, 1637

zondag 14 januari 2024

Golfje in de Lethe




 Voorjaar ‘81,

Veel  te kort,
                        om te verbinden,
  Niet te vinden
                   wat het wordt,

Niet kussen daarbinnen                     
                         drukke discotheek,

   Mijn ex die naar ons keek,

    Je broer zou bijna trouwen,

Dat heb ik zo onthouden,  

Als een golfje in de Lethe,
  Van jouw kant uit vergeten,
Meer veertig jaar voorbij,
   Ben je huilend in mijn hart,
                                         toch heel even weer van mij.




                                     Omdat ik het nu pas zie, bij toeval, 
                                                                                             met permissie hoop ik.

vrijdag 12 januari 2024

Brief aan mijn vader


Greta Gerell, “In mijn eerste studio”, 1924


Wat ik je verwijt

Bestaat uit stukjes,

Partjes waarheid,

Deeltjes dichting

En het ruisen van de tijd,

Maar linksom of rechtsom,

Het bepaalt 

                   wat ik heden nog voel,

Terwijl jij al lang verdwenen bent,

En dat is niet eerlijk,

Ik weet het,

Maar we kunnen het niet meer veranderen.



woensdag 10 januari 2024

Klaverblad


Anders Zorn, “Wandeling in het park”, 1882

Voordat de wind het doet verdwijnen,
Rijmerijtjes op een blad,
Losse noten tot akkoorden,
Kort verhaaltje in het klad,

Voordat de wind het doet verdwijnen,
Stil verwaaid verwond vervat,
Volgt het denken op de woorden,
Vindt geluk haar klaverblad.

maandag 8 januari 2024

Moment

 
Anders Zorn, “Kvinna som klär sig”, 1893, 56x 38 cm, privé collectie 

Anders Zorn heeft een bijzonder plekje in mijn kunstminnend hart. Bijna kan ik huilen. Het hart op zoek naar schoonheid, omdat er niks anders is om naar op zoek te gaan. Omdat er niks anders is om voor te leven. Omdat er niks anders is om voor te sterven.

“Meisje kleedt zich aan”, heet het schilderij. Ze ziet niet dat ze bespied wordt. Ze weet niet hoe mooi ze is, niet op het moment dat Zorn haar schildert, niet op het moment dat ik haar nog zie, hier, nu, honderddertig jaar later. Gebleven waar ze was. Meer valt er niet over te zeggen.

Tijd speelt geen rol in de schoonheid. Schoonheid bestaat zonder de tijd. Schoonheid bestaat enkel in momenten. Het moment en de eeuwigheid. Of is het de herhaling? Zeg het maar. Al het schone is ongrijpbaar. Behalve voor Zorn. En voor mij, nu, honderddertig jaar later.

zaterdag 6 januari 2024

Slechts een spiegel


Ellen Rogers, 2021

Wat je ziet
Is slechts een schaduw,
Slechts een spiegel
Van mijn hart,
Als een boom,
Maar niet de wortels,
Niet onwrikbaar,
Maar verward,
Soms verdronken
In mijn zorgen,
Soms vergeten
In mijn smart
Zie je niet
Wat ik je voorhoud,
Kleurt het lichte
Soms wat zwart.


donderdag 4 januari 2024

Nederlander-gevoel

 
Willem Koekkoek (1839-1895), “Figuren bij een kanaal in Holland”, fantasiestadje, capriccio-compositie, ca. 1880

Op zoek naar de Nederlander. Dé Nederlander bestaat niet, hoor ik op televisie zeggen. Het zij zo.

Dat wil echter niet zeggen dat er geen Hollands oergevoel bestaat. Voorzeker bestaat dat. Willem Koekkoek, telg uit de schilderende Koekkoek-familie, laat dat zien als weinig anderen. Ik ben genoeg romanticus om dat te herkennen. Misschien is het een beetje veel Anton Pieck, maar zelfs daar heb ik nog ergens een boek van liggen. Ook Koekkoek is kunst. Ook dit raakt me, dieper dan ik soms wil toegeven. Het raakt aan wat ik nog kan weten.

Zou het kunnen zijn dat zij die geraakt worden door een schilderij van Willem Koekkoek de echte Nederlanders zijn? Dat alleen zij het herkennen? Zou het kunnen dat ík daarmee tot de echte Nederlanders behoor? Ik weet niet of ik daar nog blij van zou worden, na wat er allemaal gaande is. Bij Anton Pieck zou ik toch wel een grens willen trekken. Liefhebbers van Anton Pieck stemmen vast verkeerd. Daar wil ik maar liever niet bij horen.

dinsdag 2 januari 2024

Klein inzicht

 


Het trof haar dat hij haar naam noemde. Had Max ooit haar naam genoemd als hij tegen haar sprak? Het noemen van iemands naam tijdens een gesprek had iets van een kleine liefkozing, een aai over het haar, - had zij zelf ooit Max’ naam genoemd?

Harry Mulisch. Kleine psychologische inzichten. Het noemen van een iemands naam in een gesprek kan alleen voortkomen uit genegenheid. Als het voelt als een liefkozing, als een aai is bedoeld, dan zal het zo ook worden gevoeld, is mijn overtuiging. Niet iedereen lukt dat. Sommigen zullen altijd bozig blijven.


maandag 1 januari 2024

Op weer naar het licht

 
Laurits Tuxen, Skagenschilder, “Midzomernachtsvuur op het strand in Skagen”, 1905


Gelukkig nieuw jaar. 


God blijft zichzelf herhalen.

Op weer naar de zomer. Op weer naar het licht.