Ik volg het nieuws vaak zijdelings en achteloos. Weinig is van invloed op mijn leefwereld.
Maar soms kan ik niet om de werkelijkheid heen.
In de voorbije week bekroop me niettemin een existentiële angst. Tech- topmannen waarschuwden voor AI, dat het zich snel ernstig tegen de mensheid zou kunnen keren. Advies was te temporiseren, zodat de beveilingselementen altijd een stap voor konden blijven lopen op de ontwikkelingen. Trump sloeg hun woorden in de wind en kondigde een versnelling aan. Ik vrees dat het niet tegen te houden is. Ooit waren we bang dat verkeerde landen een atoombom zouden krijgen. Misschien moeten we nu wel bang zijn dat AI in verkeerde handen komt. En er zijn overal verkeerde handen. Wassend in kortzichtigheid.
En het gaat snel. Sneller dan ik kan leven. De kinderen van nu, die de tweeëntwintigste eeuw nog in zouden moeten.
En opnieuw is mijn reflex om me terug te trekken. In mijn zoeken naar schoonheid. Op mijn eigen eilandje. Het helpt niemand niks, maar laat me maar. In al mijn machteloosheid. In al mijn niet gehoord voelen. In al mijn dubbele gevoelens, ook voor AI, met al haar mogelijkheden.
