Labels

woensdag 8 juli 2026

Tijdelijkheid

 
Félix Vallotton, “Gezicht op Honfleur”, 1911

Ik lees weer een boekje van Paul van Tongeren. Over tijd en ons identiteitsbesef, een thema dat me interesseert al vanaf ik de eerste keer “De toverberg” las, en waarschijnlijk al eerder.

Paul van Tongeren definieert, met Nietzsche en Kierkengaard, de identiteit van een mens als een wezen dat zich moet verhouden tot zijn eigen tijdelijkheid.

Eigenlijk is het verbazingwekkend hoe goed veel mensen zich nog kunnen voelen in het zicht van een altijd dichter naderend einde.

Hij vergeet in te gaan op het meest wezenlijke, namelijk dat we dit doen door ons te richten op het voortbestaan van onze soort, van onze gemeenschap, onze kinderen, en daarmee altijd in relatie tot de ander, ook inseksuele zin. Die drijfveer is essentiëler dan filosofen vaak vermoeden, waarmee we weer terug zijn bij Freud. Bij zijn drijfveer, zijn doodsangsten.

En waarmee ik dus weer terug ben bij mezelf, en mijn eigen tijdelijkheid na een keer of drie “De toverberg” te hebben herlezen.