Labels

maandag 28 september 2026

Nazomer

 


Nazomer is een lastig woord
Je legt je erbij neer
Je legt je in een schommelstoel
En doet dat telkens weer
Je mijmert wat en sluit je af
Voor ieder druk verkeer
Van alles wat er ooit een was
Doet dat het meeste zeer.


zondag 27 september 2026

Traumatische herhaling

 


Het park was in feite even zwart als de zonden die het verborg.

Nabokov nog een keer. Ik ga me herhalen. Zoals God zich blijft herhalen in wat kleine variaties.

Traumatische ervaringen kunnen overerfbaar zijn. In de jaren zeventig werd een experiment uitgevoerd: een generatie ratjes werd getraumatiseerd door het toedienen elektroshocks, direct nadat een rozengeur in hun hokken werd verspreid. Tasjes vermenigvuldigen zich snel. Meerdere generaties later, waarbij aan nakomelingen noch elektroshocks werden toegediend, noch rozengeur werd verspreid, werd het experiment gedeeltelijk herhaald: deze werd een zoveelste generatie later enkel blootgesteld aan rozengeur en zie: de ratjes raakten in paniek.

Een collega vertelde dat ze bij het betreden van een donkere kerk altijd een onbestemd naar gevoel kreeg, alsof ze weg wilde. God weet wat ooit gebeurd is.

Er is teveel gebeurd. Iedereen is angstig. Iedereen is bang. En al wat we doen is bedoeld om onze angsten te beteugelen of weg te duwen. Tot het niet meer lukt en dan gebeurt het vanzelf.


donderdag 24 september 2026

Misdrijf

 


Ik zag in mijn werk een man die ooit een ernstige misdaad had begaan. Nette man, walgelijke dingen.

En toch moet ik proberen te begrijpen.

Bij Nabokov lees ik: “<…> en opeens werden mijn zinnen door een mysterieuze verandering bevangen. Ik kwam op een bestaansvlak war niets er toe deed, behalve het genotsaftreksel in mijn lichaam. <…> Ik stond boven de beproevingen de bespotting, buiten de mogelijkheden der vergelding”.

“Overigens”, schrijft Nabokov verderop, “als ik ooit een serieuze moord bega… Let op dat ‘als’. Er zou iets meer moeten zijn dan het soort drang dat me overkwam met Valeria. Let wel dat ik tóen tamelijk onmachtig was. Als en wanneer u mij ter dood wilt roosteren, bedenk dat dat alleen een vlaag van waanzin mij ooit de simpele kracht zou kunnen geven om een bruut te zijn (gewijzigd misschien). Ik probeer wel eens te moorden in mijn dromen, maar weet u wat dan gebeurt? Ik heb bijvoorbeeld een pistool in mijn hand. Ik richt bijvoorbeeld op een minzame, belangstellende vijand. O, ik haal de trekker wel over, maar de ene kogel na de andere valt krachteloos uit de schaapachtige loop op de grond. In die dromen is mijn enige gedachte: dit fiasco te verbergen voor mijn tegenstander, die zich allengs gaat ergeren”.

Dat komt dichtbij. Bijna Freudiaans. Het beest is nooit weggeweest.

Ik zie in mijn werk met regelmaat ook de slachtoffers. Dan kom je ook dichtbij.

Je kunt altijd maar van één kant tegelijk begrijpen. Mijn is niet eenvoudig.

dinsdag 22 september 2026

Hier en nu

 
Nick Drake, door Keith Morris, 1969

Ik had zeeman kunnen zijn, of een kok,
Een levensgenieter of een boek, 
Ik had een wegwijzer kunnen zijn, of een klok,
Eenvoudig als een ketel, stevig als een rots,
Hier en nu
                      had ik alles kunnen zijn,
Willen zijn, moeten zijn,
    maar hoe?   
Ik had al die dingen
            eerst kunnen zijn,
Al die dingen.   
                       had ik eerst kunnen zijn.

Ik had je steunpilaar kunnen zijn, maar ook je deur,
Ik had bij je kunnen blijven, kunnen blijven voor meer,
Ik had je standbeeld kunnen zijn, of anders wel je vriend,
Een heel leven lang, je einde, telkens weer,
Hier en nu
                          had ik je ware kunnen zijn,
Willen zijn, moeten zijn,
    helemaal,    
Ik had al dat alles
             eerst kunnen zijn,
Dat alles        
                              had ik ook eerst kunnen zijn.


Soms doe je maar wat. Omdat ik even weer geraakt werd door Nick Drake. En omdat alles te laat komt. En alles pas achteraf duidelijk wordt.

Hier en nu.

maandag 21 september 2026

Niet gehoord

 


Ik volg het nieuws vaak zijdelings en achteloos. Weinig is van invloed op mijn leefwereld.

Maar soms kan ik niet om de werkelijkheid heen.

In de voorbije week bekroop me niettemin een existentiële angst. Tech- topmannen waarschuwden voor AI, dat het zich snel ernstig tegen de mensheid zou kunnen keren. Advies was te temporiseren, zodat de beveilingselementen altijd een stap voor konden blijven lopen op de ontwikkelingen. Trump sloeg hun woorden in de wind en kondigde een versnelling aan. Ik vrees dat het niet tegen te houden is. Ooit waren we bang dat verkeerde landen een atoombom zouden krijgen. Misschien moeten we nu wel bang zijn dat AI in verkeerde handen komt. En er zijn overal verkeerde handen. Wassend in kortzichtigheid.

En het gaat snel. Sneller dan ik kan leven. De kinderen van nu, die de tweeëntwintigste eeuw nog in zouden moeten.

En opnieuw is mijn reflex om me terug te trekken. In mijn zoeken naar schoonheid. Op mijn eigen eilandje. Het helpt niemand niks, maar laat me maar. In al mijn machteloosheid. In al mijn niet gehoord voelen. In al mijn dubbele gevoelens, ook voor AI, met al haar mogelijkheden.

zaterdag 19 september 2026

Klok

 


De klok is niet bepalend
Voor de duur van ons leven,
Alles duurt lang
En alles duurt even,
Begin noch einde
Heeft inzicht gegeven,
We we weten nooit wat gaat komen
En waar alles is gebleven.



dinsdag 15 september 2026

Impressies

 
Irving Ramsay Wiles, 1889


Her impressionisme en aanverwante stromingen gaan welbeschouwd alleen over het zien en zichtbaar maken van alles wat mooi is in de wereld, van de momenten, van het hier mogen zijn, nu net zoals aan het einde van de negentiende eeuw. Impressies zijn het enige wat telt, tot ze er niet meer zijn. In de wetenschap dat er ooit een moment komt dat het er voor jouw niet meer zal zijn. Dat is het dubbele dat nodig is om het te zien. En iets na te willen laten.

Maar laat mij geen dominee zijn. Het gaat vandaag over de plaatjes, een beetje willekeurig gekozen. Zoals het hoort met impressies.


Hector Caffieri, die ook in Nederland werkte, ca. 1895


En andermaal Wiles, 1899, Nog voor hij zich op de portetteerkunst stortte


Giuseppe De Nittis, ca. 1873, ook al La Grenouillère


Hermann Seeger, 1902, omdat niemand hem nog kent


Claude Monet, 1880, omdat er niet altijd vrouwfiguren op hoeven


En nog eens Monet, precies daarom


En nog eens De Nittis, omdat hij bij de eersten hoorde


zondag 13 september 2026

Om de stilte

 
Montmartre, voorjaar 2020


De coronatijd was bijzonder in veel opzichten. Al was het maar om de stilte.

In no time lagen metropolen volledig plat. Het kan dus wel. Als de nood aan de man is kan er blijkbaar veel. Dat zou hoop kunnen bieden voor het klimaat, waar gisteren een mars voor werd gehouden.

Er is een enquête geweest over de coronamaatregelen en ik hoor zeggen dat er te weinig ruimte was voor tegengeluiden. Natuurlijk was die ruimte er niet. Metropolen stilleggen kan alleen op de militaire manier. Dan moet je geen discussie gaan voeren. Met betrekking tot het klimaat zal het ook ooit op de militaire manier moeten. Maar laten we hopen dat het nog lang van ons wegblijft. Net als een nieuwe pandemie. We hebben er niks van geleerd.



vrijdag 11 september 2026

Om de dingen die voorbij gaan

 
Maureen O’Sullivan, door Edward Steichen, 1931


Een foto van de Iers-Amerikaanse actrice Maureen O'Sullivan door Edward Steichen, genomen in Hollywood op 21 augustus 1931. O'Sullivan werd wereldberoemd door haar vertolking van Jane in de klassieke Tarzan-films, naast Johnny Weissmuller, die ik al kind zag, veelal samen met mijn vader. 

Wat mij treft is de datum, mijn oma al ruimschoots zwanger van mijn vader. Wat mij treft is de schoonheid van de compositie. Wat mij treft is de schoonheid van Maureen O’Sullivan, die de moeder was van Mia Farrow, die ik weer met mijn moeder zag in Peyton Place. Wat mij treft is dat er elke dag wel iets is om door geraakt te worden, met allerlei associaties die ook weer kunnen ontroeren. Wat mij treft is de schoonheid van het leven, in al haar facetten. 

En om de dingen die voorbijgaan. 

Vooral dat.

woensdag 9 september 2026

Soms ook even niet

 


Soms lukt iets bijzonders,
Soms ook lukt het niet,
Soms ben je licht verwonderd,
Soms voel je diep verdriet,
Soms raak je iets verborgens,
Soms alleen wat je ziet.

Soms is vaak de sleutel
Soms ook even niet.



dinsdag 8 september 2026

Op zoek naar de heilige graal

 


Soms doe ik een kleine ontdekking.

Veel van mijn jeugdboeken heb ik vanwege ruimtegebrek al lang van de hand gedaan. Van een paar kon ik echter geen afstand doen. Eentje ervan is “Mythen en Legenden uit de Middeleeuwen”, een boek uit 1911 dat ik vooral heb behouden omwille van de illustraties. Het zijn beelden die de kern raken van mijn adolescentie romantiek. En misschien wel de kern van heel mijn leven, dat zich recapituleert tot zeker duizend jaar geleden.

Nu dan over mijn ontdekking: de illustraties, in elk geval een groot deel ervan, werden gemaakt door Hans Thoma, die ik in 2011 al op Wikipedia zette, een van de eerste kunstschilders waarover ik een lemma schreef. Niet voor niks kwam ik snel bij Toma uit. Ik voel het nog steeds, als een rode draad door mijn leven. Nog altijd ben ik dezelfde romantische ziel. Nog altijd ben ik op zoek naar de heilige graal.

Ik ga het boek nog zeker niet opruimen.


Hans Thoma, “Het kasteel van de heilige graal”, 1899


zondag 6 september 2026

Troost en rituelen

 


Vanochtend een crematie van de moeder van een vriendin. Negenentachtig, net zo oude als mijn moeder, iets jonger dan mijn schoonmoeder die ons in het voorbije jaar ontvielen.

Hele levens trekken voorbij in zo’n crematorium, verhalen en herinneringen verteld door nabestaanden, versterkt door foto’s en muziek. Een nieuw ritueel die de kerkelijke uitvaart heeft vervangen. Een ritueel blijft ik het noemen, want in de basis blijft het uniforme opvallen. Het is persoonlijker, hoor ik dan zeggen, maar het sjabloon ligt vooraf al volledig vast. 

Of zijn het vooral de levens die zo uniform zijn. Alle verhalen en herinneringen aan overledenen uit die generatie lijken op elkaar. Net als de foto’s. Misschien lig daar wel de kern van het rituele: dat onze levens zo veel op elkander lijken. Dat we op een existentieel niveau eenzaam en alleen kunnen zijn, maar in de basis toch allemaal eender.

Ik weet niet of dat troost geeft.


donderdag 3 september 2026

Dondersteentje



 
Driemaal rondje 
Driemaal raden
Driemaal drie is negen

Duizend woorden 
Duizend daden
Driemaal drie gezwegen

Dondersteentje
Duizend slagen
Dondert altijd ongelegen


dinsdag 1 september 2026

Gestolen kunst


Origineel?


Nog even terug naar de Franse kunstmarkt. Ik zie een Hollands strandtafereel op linnen (zelf gevoeld) in een lijst met een metalen plaatje vermeldend: A. Van de Velde. Die naam ken ik. Ik zoek op Wikipedia en jawel, dat is hem; hetzelfde schilderij straalt me vanuit het lemma direct tegemoet: “Het strand bij Scheveningen”, 1658, Staatlichen Museen te Kassel. Zelfs het formaat, 50 bij 74 centimeter lijkt te kloppen. Alleen sterk vergeeld, maar wat wil je als je het midden in de zon zet.

Mijn prepuberale fantasieën slaan weer op hol. Het gestolen schilderij dat door dieven niet kan worden gesleten, een detective die ze op de hielen zit. Opmeet moment dat ze bijna worden opgepakt snel verkocht aan een marktkoopman voor de prijs van een goedkope replica, met het idee het snel weer terug te kunnen kopen. De eerste beste keer dat de koopman het schilderij aanbiedt op een kunstmarkt is er niemand die de waarde ervan ziet tot een jongetje uit Nederland het Scheveningse strand herkent. Na veel zeuren laat zijn vader zich vermurwen en koopt het voor veertig euro, waar het later veertigduizend euro waard blijkt te zijn. De detective komt het jongetje op het spoor, maar die weet het schilderij goed te verbergen in de spouw. Tot hij wroeging krijgt en zijn vader het museum in Kassel laat bellen. Hij moet het uiteindelijk doen met een replica hem aangeboden door het museum. En hij krijgt levenslang gratis toegang in Kassel, waar-i niks aan heeft. 

En dat jongetje dus, dat ben ik. En ik loop in Frankrijk over de kunstmarkt. Dubbend wat te doen. Ook dit keer heb ik het niet gekocht, zelfs mijn fantasie niet met mijn vrouw gedeeld. Ik heb nog gezocht op internet onder gestolen kunstwerken, maar niets gevonden. Ook niet over het jongetje. En ik concludeer dat je soms je fantasieën maar beter voor je kunt houden. En ik concludeer weer dat mijn vrouw uiteindelijk altijd gelijk heeft, zelfs als ik haar niks heb gevraagd.



Origineel

maandag 31 augustus 2026

Goedkoop verzamelen

 

Ik ben in Frankrijk en loop over een kunstmarkt. Als ik alleen was geweest had ik vanalles willen kopen. Mannen zijn verzamelaars. Ik ben een verzamelaar. Mijn vrouw minder.

In bovenstaand naakt zag ik iets van Renoir. Even veerde ik op maar de signatuur vermeldde een onbekende naam, Frédéric Mercier, 1898-1952 vond ik later terug. En toch was er iets dat me trof, er werd honderdvijftig euro voor gevraagd, maar ja, mijn vrouw was er ook bij en zo’n schilderij mee sjouwen verder op vakantie… lang verhaal kort, niet gekocht. Ik heb ook mijn blog nog, dacht ik maar. En hier is het dan. Ook dit is een beetje verzamelen, en een stuk goedkoper.

zaterdag 29 augustus 2026

Perspectief en poëzie

 


Ik blijf herlezen. Nu weer Lolita, waarover ik al eerder schreef. Een boek zonder moraal. Nabokov toont zijn meesterschap door het morele probleem van de leeftijdskwestie naar een ander niveau te tillen. Boven het concrete handelingsniveau uit geeft hij vooral een psychologisch beeld van het meisje achter het seksobject en een empathisch portret van haar aanbidder Humbert. Belangrijk thema, voortdurend voelbaar in de persoon van Humbert, is de drang tot het najagen van lustgevoelens, uiteindelijk zelfs ten koste van andermans leven. Dat is waar het om gaat. Dat is ook waar het fout gaat.

“Ik liep nog steeds achter mevrouw Haze door de eetkamer toen er, daar voorbij, een plotselinge uitbarsting van groen kwam - ‘de piazza’, galmde mijn gids, en daarna, zonder de geringste waarschuwing, zwol onder mijn hart een blauwe zeegolf aan en gluurde me van een mat in een plas van zon, halfnaakt, geknield, zich op haar knieën omkerend, over een donkere bril mijn Rivièra-liefde aan”.

Nabokov brengt het terug tot vroegkinderlijke ervaringen. “De vijfentwintig jaar die ik sindsdien had geleefd spitsten zich toe in een sidderend punt, en verdwenen”.

Ik vraag me af hoeveel herkenning er nodig is. Of ook vrouwen de roman kunnen waarderen. Wellicht vanuit een ander perspectief. Alles in het leven is een kwestie van perspectief. En daarmee van tijdsbeeld. En dus ook weer van moraal. We komen er niet omheen. Maar het poëtisch perspectief blijft onveranderd. Het tilt de roman boven alle moraal. Ook na herlezing in een veranderde tijd.


donderdag 27 augustus 2026

Waterwenen



 
In water mijn wenen,
Mijn wonden weer likken,
Niemand kan wakker
Zichzelve weerstaan,

Ik voelde in dralen
Mijn draden verstrikken,
De drang van de dreiging
Uit droesem ontstaan,

In trauma verschrikken,

Tot schaamte vergaan.


maandag 24 augustus 2026

Wie ben jij…

 


Wie ben jij
     om mij te zijn vergeten,
Wie ben ik
     om vergeten te zijn.


zondag 23 augustus 2026

Een nieuw creëren

 


Het is wennen, maar toch... Kunst maken met AI.

Wat is kunst? 

Een kunstenaar laat iets zien van zichzelf, iets wat de kern van zijn zijn bepaalt, een stukje ík dat wordt herkend wordt door een ander, iets wat de ander op zijn beurt helpt met de zoektocht naar zichzelf.

Zo ongeveer heb ik het al eens gedefinieerd. Als een vorm van communicatie.

En als er niemand is om mee te communiceren? Laat het dan maar doorgaan voor zelftherapie. Iedereen geneest zichzelf. Of niet natuurlijk.

Ik vind dat ik het goed gedaan heb. Klopje op mijn schouder. Met aanvankelijk niet meer richting als strand en impressionisme. Een uniek schilderij. Als ik er met AI op terug zoek zegt-i dat het van Edward Henry Potthast is, die ik ooit op Wikipedia heb gezet. Dat dan weer wel. Maar uniciteit is niet waar het om gaat. Vaardigheid ook niet persé. Niet voor nu! Het gaat erom dat ík het gecreëerd heb. En dat ík de verbinding zoek. Zonder te weten of ik die vind.

Ik zie het ook in mijn werk.

Een ontwikkeld mens wil creëren. Zich uitdrukken naar de ander en daarin erkend worden. Verbinden. Anders is het allemaal voor niks geweest.

zaterdag 22 augustus 2026

Zie je wel…

 


Mensen lijden liever dan dat ze ongelijk erkennen, lijken altijd op zoek naar een bevestiging van eigen gedachten. 

Zie je wel…

     ze zijn allemaal hetzelfde…

          het lukt mijn nooit…

               ik heb altijd pech…

                    Niemand vind me aardig…

Vaak op het het zelfdestructieve af. En toch geeft het voldoening, zo sterk dat we ons er niet tegen kunnen verzetten. Ons schrijf ik, omdat het niet alleen voor mijn cliënten geldt. We maken onze eigen rationale. Maar we zijn verre van rationeel.

woensdag 19 augustus 2026

Verstoppen


Harold Harvey, “First Light”, 1919


We vinden in ons geheugen van alles wat; het is een soort apothekerswinkel of chemisch laboratorium waarin het toeval onze hand nu eens naar een kalmerend middel, dan weer naar een gevaarlijk vergif leidt.

(Marcel Proust)

Soms gebeuren bijzondere dingen.

Ik had een EMDR sessie van een mevrouw van in de vijftig die gebrouilleerd was met haar iets oudere zus. Al zowat haar hele leven, zonder te weten waarom. Ze haatte haar. Tijdens de hypnose van de EMDR kwamen oude beelden op, in een rubber bootje in de Verdon, op een riviertje dat ineens sneller ging stromen. Ze zat als klein meisje op de rand van het bootje, het bootje botste, ze viel eraf en haar zusje voer door, deed geen moeite het bootje te stoppen, een tak te pakken, voer door. Ik was dat helemaal vergeten, zei ze verbaasd. Ze wist niet eens hoe ze gered was, alleen nog dat haar zusje doorvoer. En het verdriet kwam weer op, de boosheid. In de krochten van ons geheugen verstoppen we van alles, soms vinden we iets terug, soms brengt het iets goeds, soms ook niet. Dat is wat Proust zegt.

Ooit wil ik een boek moeten schrijven met cliëntverhalen. Een dik boek kan het worden. Lezers zullen verbaasd zijn, als mijn cliënte, als ik in mijn werk. Als ik dat niet meer heb stop ik.

zondag 16 augustus 2026

Zonder ratio

 
Ron Francis

Tot op heden ging men er vanuit dat het belangrijkste in het evangelie de morele uitspraken en regels zijn die in d predikingen zijn vervat, maar voor mij gaat het in de eerste plaats om dat wat Christus vertelt in parabelen die an het dagelijks leven zijn ontleend, waarbij hij de waarheid verklaart aan de hand van het alledaagse. Aan de basis hiervan ligt de gedachte dat de omgang tussen stervelingen onsterfelijk is en dat het leven symbolisch is omdat het betekenis heeft.

Dat lees ik weer bij Pasternak. Ik weet niet of ik het helemaal snap, maar ik voel dat het waar is. Zoals je een gedicht kunt lezen en de essentie kunt pakken enkel en alleen op het ritme en gevoel. Zoals je als goed psycholoog bij het wezen van menselijk leed kunt komen zonder te vragen naar de oorzaak. Zoals ik nooit heb geweten of ik mezelf wel goed begrijp. Waarheid heeft met ratio niks te maken, maar leg dat maar eens uit. Daar moet je Pasternak voor heten, of zo.

vrijdag 14 augustus 2026

Gemiste verwondering

 
Frithjof Smith-Hald, “Flord bij zonsondergang”, 1890

‘Ineens begreep ik het allemaal. Ik begreep waarom het allemaal zo dodelijk onuitstaanbaar en vals is, zelfs in Faust. Het is gemaakte belangstelling. De moderne mens heeft daar geen behoefte aan…’.

(Boris Pasternak, Dokter Zjivago)

Het was zonsverduistering. Eer ik het wist had ik geen brilletje en waren ze niet meer te krijgen. Mijn vrouw zat wat te pongelen met een vergiet, maar veel leverde dat niet op. Daar zaten we dan. We keken naar de televisie en zagen overal enthousiaste mensen. Hoe bijzonder het wel was. En dat het de volgende keer pas weer in 2080 zou zijn. Peter Kuipers Munnike, de weerman die mijn zoon hielp promoveren, kreeg tranen in zijn ogen. Misschien was hij wel de enige in wiens oprechtheid ik geloofde.

Ik denk aan onze voorvaderen. De Germanen van Wodan en Donar. Ik kan me hun verwondering levensecht voorstellen. De verwarring. De angst. Later in de nacht was er ook nog sterrenregen. We begrijpen veel te veel, wat onze verwondering aantast. Terwijl de verwondering toch is wat ons drijft. Wat mij nog steeds drijft. Maar met de zonsverduistering keer had niet het gevoel veel gemist te hebben, zonder brilletje. Ook niet na tien keer terugkijken. Jammer maar zo zij het.

woensdag 12 augustus 2026

Gewonnen tijd

 
                          

 
Ik bestelde een boekje bij Edwin Smet, die ik vond op het internet, kunstenaar, boekbinder, dichter, schrijver van het boekje “Proust had een baard zijn sterfbed”.

‘Welk stuk van de berg van je leven graaf je af, wat plaats je in het licht, wat laat je in de schaduw’?

Hoezeer ik mijn cliënten op het hart druk in het hier en nu te zijn, we leven in ons verleden. 

‘En de tijd die erin is vastgelegd is alvast gewonnen’.

Misschien heb ik het wel helemaal mis. Alleen zijn sommige inzichten niet altijd helpend. Of in elk geval moeilijk over te brengen.

We houden veel verborgen, al is het maar voor onszelf.

Ik heb een ingewikkeld vak.


zondag 9 augustus 2026

Marc groet ‘s-morgens de dingen (2)

 


Marc groet ‘s-morgens de dingen,
De bloemen, de kast, het kozijn,
De schuifpui, de merels die zingen,
De tafel, het kleed, het gordijn,
 
Het brood met de boter, de ham en de kaas,
De zon en de wolk in de lucht,
Het plantje, het potje, de delfsblauwe vaas,
Zijn vader die bromt en die zucht,
 
De lepel, het kopje, zijn bordje,
De krant op het kussen, de bank,
Zijn moeder, haar handen, het schortje,
Het broodmes dat ligt op de plank,
 
De poes en de voerbak, zijn oudere broer,
De gangdeur, de trap met de treden,
De drempel, het plintje, de mat op de vloer,
Een veter en ook nog een tweede,
 
De schoenen, de jas met de knopen,
Zijn zakdoek, de knikkers, de riem,
De sleutel, de deur die gaat open,
Het schuurtje, de nijptang, een priem,
  
De fiets met het zadel, de bel aan het stuur
De kleuterschool, stoelen, de tafels,
De juffrouw, de bril, de spreuk aan de muur,
De kapstok, de jas met de rafels,
 
Zijn vriendjes, het veldje, het dor-gele gras,
Een olm en een eik en een den,
De laarzen, de spetters, een waterplas,
Het schriftje, de inktpot, de pen,
 
Marc groet ‘s-middags de dingen,
Het schoolbord, het krijtje, de aanwijsstok,
Het klaslokaal, vinken die zingen,
Schoolplaten, boeken, de klok,
 
De gum, lineaal en de vouwblaadjes rood,
De lijmpot, de kwast en de klei,
Het trommeltje, appel, rozijnenbrood,
En de bel van de schooldag voorbij,
 
De sloot langs de weg, nu snel weer naar huis,
Een oudere man met een baard,
De meeuwen, de duiven, een kat met een muis,
De koeien, het kalf en het paard,
 
De vaart en het water, de wilg met de knot,
De auto, de bromfiets, een renner,
Het hekje, de poort, de sleutel, het slot,
De kapstok, de drempel, ik benner,
 
Weer moeder en vader, de brandende haard,
Het bakje met lege batterijen,
De kam met de haren, de hond en zijn staart,
De muren met twee schilderijen,
 
Het eten, de bloemkool, het kruimige bintje,
De afwas, de borstel, de handdoek,
De bank, de teevee, een blauw hyacintje,
Pyjamabroek, washandje, leesboek,
 
Marc groet ‘s-avonds de dingen,
Het laken, de dekens, het bed,
Zijn moeder, een slaapliedje zingend,
Het lampje wordt stilletjes uitgezet,
 
De dromen, de stilte, het kussen zo zacht,
 
De sterren, de maan en de nacht,
 
Marc gaapt,
 
Marc slaapt.


zaterdag 8 augustus 2026

Droogte

 


Soms mis ik de regen
Die tikt op mijn hart
De zwellende regen
En het leed van de ander

Die het het doet 
                       
                         of werd aangedaan

Mensen douchen, 
               maken een ontbijt
In hun auto’s 
snel weer naar het werk
         En ik zit hier maar 
                           een gedichtje te schrijven

In het doelloos ongerichte

                     Mijn gedachten laten gaan

Wordt het lichter als de zon schijnt
Begin ik toch weer wat te leven
Toch weer denken wat ik aandoe
Wat ik zal eten voor ontbijt

En uiteindelijk 
          toch maar weer 
            opgestaan.



woensdag 5 augustus 2026

Nieuwe hobby?

 


Misschien moet ik een nieuwe hobby zoeken voor als ik straks meer vrije tijd heb, en voor als het met mijn roman niet zo vlot. In probeer wat met een AI image generator, zoals dat mooi het. Ik probeerde het al eens eerder en blijf me verbazen. Het is wonderbaarlijk wat allemaal mogelijk is en wat je met een beetje handigheid kunt creëren. Ik begin met een werkje van Breitner en waaier een hele nieuwe richting uit. Zie wat ik ervan gemaakt heb. Als ik het nu eens op groot formaat op mooi papier uitprintte en in liet lijsten zou het zo verkocht kunnen worden en vind ik het mooier dan wat ik doorgaans zie op een willekeurige kunstmarkt. Of ik het daarmee ook kunst mag noemen weet ik niet. Maar het zou best weleens wat kunnen zijn voor straks.


George Hendrik Breitner, “Het oorringetje”, 1893.
Ook naar een foto trouwens, wat is het verschil.

maandag 3 augustus 2026

Een ver gerommel

 
Andrew Wyeth, “Distant thunder”, 1961

Vandaag niet teveel woorden. Nog een keer Andrew Wyeth (1907-2009). “Distant thunder”, uit 1961. Vlak na mijn geboorte.

Het schilderij toont de vrouw van de kunstenaar, Betsy Wyeth, die met haar hoed over haar gezicht in het gras ligt. Linksonder in het gras zijn een plukmandje met bosbessen en een beker te zien. Niks aan de hand. Naast haar ligt hun hond Ranger die alert zijn kop omhoog houdt. Hij hoort de dreiging in de verte die Betsy nog niet ziet komen.

Wij zien zoveel niet komen. Wyeth stond erom bekend dat hij met zijn eitempera-techniek een uitermate gedetailleerde en serene, maar tegelijkertijd voelbaar geladen sfeer wist neer te zetten. “Distant thunder” tekent de hedendaagse mensheid. Het tekent ook mij, zoals al Wyeth naar zijn hond keek, maar ook niet anders kon dan doorgaan.

En ondertussen dreigt de donder harder dan ooit. En lig ik nog steeds op een stretcher onder een veel te hete zon als ik dit schrijf.


zaterdag 1 augustus 2026

De twee Sylvia’s

 
1973

Als psycholoog weet je dat sommige mensen met een knip van de vinger kunnen veranderen van persoonlijkheid. Veelal zijn het mensen die eerder in hun leven, vaak al in de kindertijd, het een en ander hebben meegemaakt. Misschien hebben we het allemaal een beetje, maar bij sommige kan het heel extreem zijn. En soms is het openlijk zichtbaar soms blijft het goed verborgen. “Als de gordijntjes dicht zijn weet je nooit wat er binnen gebeurt”, zei mijn mentor ooit.

Sylvia Kristel heeft altijd een bijzondere rol gespeeld in mijn leven. Ze speelde met Rutger Hauer de hoofdrol in de speelfilm “Mysteries” van Paul de Lussanet. De Emanuelle-films behoren tot mijn eerste kennismakingen met de erotiek. Niet onbelangrijk allemaal.

Ik kijk naar twee foto’s van Sylvia, eentje uit 1973, toen ze in de RAI uitgeroepen werd tot Miss TV Europe, de tweede uit 1975, in de film “Spelen met vuur”, nog van later dan haar eerste Emanuelle rol. Die moet best wat meegemaakt hebben in haar jeugd, denk ik dan. Maar haar uitspraken heeft ze later ingetrokken.

Ik kan me de prijzende woorden van mijn moeder nog herinneren uit naar ik aanneem 1973, toen ze voor op de Televizier-gids stond. Maar onderstaande foto heeft de cover niet gehaald. En anders hadden mijn ouders de gids wel voor mij verborgen gehouden, schat ik in. Jongetjes van dertien moet je niet bederven.

Enfin. Of het geholpen heeft weet ik niet. Sylvia blijft mijn favoriet. In alle versies.


1975