![]() |
| Plaats voor het speelkwartier. Plek van de plas. |
Ineens wist ik het weer.
De zuster had gezegd: “niet door de plas lopen”. Ik had toch door de plas gelopen en de zuster had me ondersteboven, ik weet niet goed meer hoe, met mijn hoofd en haren in de plas gedoopt. Het moet in de tweede kleuterklas zijn geweest. Thuis had ik niks durven zeggen, maar pap en man hadden het via kennissen, waarvan het dochtertje een klasgenootje was, toch gehoord, en ze waren verhaal gaan halen bij de zuster. Wat ik later pas hoorde. Ik zal evengoed op mijn donder hebben gehad, wat maakte dat ik later wel meer zou blijven verzwijgen. Zoals dat gaat.
Ik was op mijn oude kleuterschool waar nu een Polenhotel is, bij toeval. En ineens wist ik het weer. Niets wordt vergeten. Ook al denken we soms van wel.
